06 – 39 57 55 50 info@dedocentenacademie.nl

Het ABC van feedbackgeven: stap 1 naar effectieve feedback

Momenteel begeleiden wij docenten van de opleiding Mondzorgkunde bij het geven van feedback aan hun studenten. Studenten behandelen patiënten in de kliniek waarbij ze tijdens deze behandeling ondersteuning en feedback van medestudenten en van hun docent krijgen. We zien dagelijks hoe rijk en waardevol deze leeromgeving is waarin studenten effectieve en waardevolle feedback krijgen. Het gaat er dan wel om welke feedback je geeft, de manier waarop je dat doet en wat er vervolgens mee gebeurt of hoe je het opvolgt.

De praktijk kan soms echter ook anders zijn. Heb jij de ervaring dat studenten soms weinig met je feedback doen en/of nog steeds dezelfde fouten maken als eerst? Vaak heb je de neiging om dan (nog) meer feedback te gaan geven, maar de vraag is of dit de oplossing is. Interessanter is het te kijken in wat feedback effectief maakt en wat niet. In dit blog sta ik stil bij een eerste aspect, namelijk de formulering van effectieve feedback.

Herken je één van de volgende situaties?

  • Je geeft heeft veel feedback waardoor het voor de studenten onduidelijk is wat echt essentieel is. Waar moet de student beginnen?
  • Je geeft veel kritiek en weinig tot geen complimenten. Je wilt de student graag verder helpen en ziet zo veel zaken die beter kunnen, dat je die allemaal noemt. Wat doet dit met het zelfvertrouwen van de student?
  • Jouw feedback is te weinig concreet op gedrag, zodat de student niet weet welk gedrag hij moet bestendigen of veranderen. Wat kan een student met alleen de opmerkingen ‘creatief’ of ‘niet overtuigend’ of ‘weinig origineel’?
  • Je geeft niet aan wat de student kan doen om zijn prestatie te veranderen na negatieve feedback. Een tip blijft achterwege. Hoe weet een student dan hoe jij iets kan veranderen?

Met deze manieren van feedback geven, is er een grote kans dat je studenten in een faalspiraal zet (‘zie je wel, ik kan het niet’) waardoor ze vaak weinig tot niets veranderen en hun zelfvertrouwen en motivatie daalt. Dat is natuurlijk niet wat je wilt. Wat helpt dan wel?

Zorg ervoor dat jouw feedback voldoet aan het ABC van feedbackgeven.

A staat voor Accuraat: is jouw feedback gekoppeld aan de criteria van de beoordeling?

B staat voor Balans: geef je zowel positieve als negatieve feedback en beperk je je daarbij tot twee punten?

C staat voor Concreet: benoem je in je feedback specifiek waarneembaar gedrag zowel in de feedback als in de tip?

Check of jouw feedback voldoet aan het ABC. Je hebt daarmee een mooie eerste stap gezet in het proces naar het geven van effectieve feedback. In het volgende blog staat dan feedback als gesprek centraal.

Wil je meer lezen over feedback? Er is pas een nieuw goed boek verschenen ‘Feedback in de klas. Verborgen leerkansen’ van Stijn Vanhoof en Geert Speltincx. Luister ook naar de podcast over dit boek: podcast