06 – 39 57 55 50

Een goede uitleg is onbetaalbaar

Ervaar jij ook wel eens in de klas dat een student soms beter in staat is iets aan de anderen uit te leggen dan jij? Mijn reactie is dan vaak: ‘Fantastisch uitgelegd X, ik heb er niets meer aan toe te voegen’.

Studenten leren meestal het meest van elkaar. Als een student een theorie of een begrip goed kan uitleggen aan andere studenten dan weet je zeker dat hij/zij die theorie of dat begrip in ieder geval snapt en dit helpt vaak ook de anderen. Jouw taak als docent is dan om dit samenwerkend leren zo goed mogelijk te faciliteren en bij te sturen wanneer nodig. Zo kun je studenten in groepjes bepaalde lesstof laten uitleggen of presenteren aan elkaar of voor elkaar vragen laten bedenken. Je hebt dus enerzijds de taak om studenten een relevante opdracht te geven waarmee ze de lesstof eigen kunnen maken en anderzijds de taak om fouten of onduidelijkheden van hen te corrigeren en te checken of het geleerde ook geleerd is.

Soms weet je echter dat studenten bepaalde lesstof ingewikkeld vinden waardoor het niet loont om studenten daar direct zelf mee aan de slag te laten gaan. Immers, studenten zijn dan wel met de stof bezig maar komen niet tot dieper begrip maar alleen tot reproduceren. Welke stappen kun je dan volgen zodat studenten de stof kunnen snappen?

1. Geef eerst zelf een goede uitleg. Laat jouw expertise tot zijn recht komen door ingewikkelde lesstof zo goed mogelijk uit te leggen. Vertaal jouw kennis in een uitleg die alle studenten snappen.

2. Beperk je in tijd. En goede uitleg hoeft niet lang te zijn, beperk je tot ongeveer 10 minuten. In een blok van 10 minuten kun je zeker een leerdoel realiseren.

3. Check bij de groep. Een groep kan nogal eens stilvallen tijdens een uitleg. Check of ze er nog bij zijn en waar ze aan denken. Soms blijkt dat ze juist op dat moment bezig zijn met het verwerken van de informatie. Een stille groep kan dus ook een goed teken zijn.

4. Zet studenten aan het kauwen. Geef studenten tijd en ruimte om tot dieper begrip te komen. Bij een actieve groep gebeurt dit vanzelf als er vragen komen als: ‘maar hoe zit het dan met…?’. Je kunt dit ook zelf uitlokken door vragen te stellen die tot dieper begrip leiden als: ‘Wat vind je van wat ik vertel?’/‘Wat roept het op?’. Je checkt wat is overgekomen en stimuleert dieper begrip. Je gaat dan van de stof voorkauwen naar het zelf kauwen van studenten.

5. Laat studenten de stof toepassen. Vervolgens kun je studenten nu wel met elkaar actief aan de slag zetten door ze bijvoorbeeld te laten oefenen met de theorie. Je kunt nu allerlei werkvormen inzetten waarmee ze de theorie moeten toepassen vanuit hun begrip.

Jouw taak is het om een zo hoog mogelijk leerrendement te bewerkstelligen tijdens je lessen. Kijk of je daarvoor eerst de studenten zelf aan de slag kunt zetten met de lesstof gezien het leerdoel. ‘Eerst zij, dan jij’ is daarbij een helpend motto.