06 – 39 57 55 50 info@dedocentenacademie.nl

Ben jij een inspirerende docent?

Dit is één van de vragen die je vaak in onderwijsevaluaties tegenkomt. Met relatief lage scores op deze vraag kwam een opleiding naar mij toe. De docenten vroegen zich af wat zij konden doen om ervoor te zorgen dat zij inspirerender zouden zijn? Daar had ik geen panklare oplossing voor.

De letterlijke stelling in hun onderwijsevaluatie was: ‘de docent inspireert mij’. Een interessante stelling, maar wat meet deze stelling of hoe valide is deze? Gaat het erom of je als docent met enthousiasme vertelt en uitlegt en een college tot een waar genoegen maakt? Of: gaat het erom dat je een goed voorbeeld bent uit de beroepspraktijk? Of beide? De manier waarop studenten de vraag interpreteren, is bepalend voor het soort antwoord. Dat maakt het lastig om de scores te duiden en al helemaal als deze scores worden gebruikt als vergelijking tussen docenten.

Enthousiasme uitstralen tijdens je colleges en in je begeleiding is natuurlijk een pré. Een college dat het toppunt van saaiheid is, komt het leren niet ten goede. Enthousiasme zie ik echter als meerwaarde, niet als kern van de kwaliteit van het docentschap. Colleges zijn niet bedoeld als theater, hoewel een beetje theater natuurlijk wel mag.

De basis van het docentschap ligt in het bijdragen aan het leerproces van studenten en dat doe je door je vakinhoudelijke kennis en je didactische-pedagogische kennis te combineren en aan te passen aan wat een individuele student of klas of groep nodig heeft. Jouw activiteiten zijn gericht op het bevorderen van het leren en het op gang brengen van een leerproces. Natuurlijk moeten studenten zelf in beweging komen, maar jij zet alles in het werk waardoor dat kan, bijvoorbeeld door leerzame opdrachten, heldere uitleg en adequate instructies. Jij creëert de voorwaarden zodat studenten willen en kunnen leren en daar zit de kwaliteit van jou als docent.

Het lijkt mij beter om het criterium ‘inspiratie’ te vertalen naar ‘mijn docent is enthousiast’ naast een stelling als ‘mijn docent relateert aan de beroepspraktijk’. Dit laatste criterium is écht noodzakelijk om bij te dragen tot leren. Het eerste criterium is mooi meegenomen. Ben je enthousiast over jouw vak? Laat dit dan zeker zien aan je studenten.